Het is gisteravond niet gelukt om paella te bestellen, blijkbaar moet je dat van te voren bestellen. We eten een dagmenu en dat is hier ook goed.
Vandaag rijden we verder naar het zuiden. We blijven op de kustweg, de 332. Onderweg even bij een “Carrefour” langs, boodschappen doen. Op de parkeerplaats bij de winkel maken we nog een staaltje hufterigheid mee. Er zijn bij zo’n groot winkelcentrum bijna 1000 parkeerplaatsen overdekt met een soort zonwering, bestemd voor personenauto’s. Maar onze camper past daar niet onder. Gelukkig zijn er ook nog enkele plaatsen zonder de zonwering. Daar zet Wim de camper neer. Blijkbaar vond een automobilist het nodig om zijn auto pal achter onze camper te zetten maar oké. Als we de boodschappen aan het inladen zijn zet een Engels stel hun auto stijf voor onze camper. Wim gebaart naar de mensen dat wij zo weg willen. Met veel misbaar stapt de man weer in en rijdt zijn auto 3 meter achteruit, nu onder de zonwering. Prima dus, maar mevrouw maakte in plat Engels de opmerking: “he bloody thinks he owns here the place”, waarna het stel verdween. Grappig om je auto zo neer te zetten dat een ander niet weg kan, terwijl er van de 1000 parkeerplaatsen wel 800 vrij waren.
Wij vervolgen onze route naar het zuiden. Onderweg zien we allerlei gewassen. Sinaasappelbomen, citroenbomen, graan, aardappels, maar ook hele velden met artisjokken (het duurde even voor we dat goed konden zien). Er is veel bedrijvigheid in de landbouw. Veeteelt zien we hier nauwelijks.
Wat we ook zien zijn veel rotondes en heel veel appartementen. Nu maar hopen dat daar Spanjaarden in wonen en dat deze appartementen niet alleen bedoeld zijn voor toeristen.
Net ten zuiden van Cartagena zoeken we de camping, gelegen aan een baai. De camping heet “El Portus”.